Wat de eerste renteverhoging in drie jaar met je aandelen doet
De Fed verhoogde woensdag voor het eerst sinds 2023, tegen de wil van Trump. Wat dat doet met je aandelen, waarom groeiaandelen harder dalen dan banken, en wat er de vorige zeven keer gebeurde.

Kevin Warsh werd in mei door Donald Trump zelf naar voren geschoven als baas van de Amerikaanse centrale bank, met één duidelijke opdracht: de rente moest omlaag. Woensdagavond stemde Warsh voor een verhoging. Unaniem, twaalf voor en nul tegen. Trump had hem vooraf nog gebeld, vertelde hij aan verslaggevers: "Ik zei tegen Kevin, stem maar met de rest van het bestuur mee, want het maakt toch niet uit." Een paar uur na het besluit liet de president weten dat de rente in de Verenigde Staten "1 procent of lager" hoort te zijn.
Het is de eerste renteverhoging sinds juli 2023. De beleidsrente staat nu op 3,75 tot 4,00 procent. En het ging snel: de laatste verlaging was op 10 december 2025, precies 280 dagen eerder. Negen maanden tussen de laatste stap omlaag en de eerste stap omhoog.
Waarom verhoogt de Fed nu, en hoe lang gaat dit duren?
Warsh was er in de persconferentie duidelijk over: "The plain fact is inflation is too high, and has been for too long." De Amerikaanse inflatie staat al sinds begin 2021 boven de doelstelling van 2 procent en liep in augustus weer op naar 3,4 procent, vooral door benzine. De Fed verwacht voor heel 2026 een inflatie van 3,7 procent.
Het belangrijkste zit niet in de verhoging zelf, maar in de verwachtingen die de Fed erbij publiceerde. Elk kwartaal geeft elke bestuurder aan waar hij de rente ziet staan. Zestien van de achttien verwachten dit jaar nog een verhoging. En voor eind 2026 én eind 2027 staat de mediaan op hetzelfde cijfer.
De Fed verwacht dus niet één verhoging, maar een rente die ruim een jaar hoog blijft staan. In juni ging men voor eind 2026 nog uit van 3,8 procent.
Ter vergelijking, de vorige cyclus. Tussen maart 2022 en juli 2023 ging de rente met 525 basispunten omhoog, van nul naar 5,25 tot 5,50 procent. Daarna ruim een jaar plateau. Tussen september 2024 en december 2025 kwam er in zes stappen 175 basispunten af. En negen maanden later gaat hij weer omhoog. Deze cyclus begint op 3,50 in plaats van op nul, dus halverwege de helling, en dat is een reden om te denken dat hij korter kan blijven. Maar dat is precies wat men in 2021 ook dacht.
Wat doet een procentpunt rente met een aandeel?
Koop je een aandeel, dan koop je een stukje van alle winst die dat bedrijf in de jaren hierna gaat maken. Die winst is er nog niet. Je betaalt nu voor iets wat later komt.
Stel, iemand biedt je een briefje aan waarop staat: over tien jaar krijgt u 100 euro. Wat wil je daar vandaag voor betalen? Geen 100 euro, want je moet tien jaar wachten en ondertussen had je dat geld op de bank kunnen zetten. Geeft je bank 4 procent, dan is 67,56 euro een eerlijke prijs, want dat groeit in tien jaar precies aan tot 100. Gaat de rente naar 5 procent, dan heb je aan 61,39 euro genoeg. Hetzelfde briefje is ineens 9 procent minder waard.
Aan het briefje is niets veranderd. Alleen het alternatief werd beter.
Een aandeel is een stapel van zulke briefjes, eentje voor elk toekomstig jaar winst. En hoe verder een briefje weg ligt, hoe harder een procentpunt rente aantikt. Bij winst die over vijf jaar komt verlies je 4,7 procent. Bij tien jaar 9,1 procent. Bij twintig jaar 17,4 procent. En bij dertig jaar bijna een kwart: 24,9 procent.
Hoe verder de winst weg ligt, hoe harder de rente aantikt
Waardeverlies van een toekomstige winst als de rente van 4 naar 5 procent gaat
| Horizon | Bij 4% | Bij 5% | Verschil |
|---|---|---|---|
| 5 jaar | 82,19 euro | 78,35 euro | −4,7% |
| 10 jaar | 67,56 euro | 61,39 euro | −9,1% |
| 20 jaar | 45,64 euro | 37,69 euro | −17,4% |
| 30 jaar | 30,83 euro | 23,14 euro | −24,9% |
Eigen berekening: 100 gedeeld door 1,04 tot de macht n tegenover 100 gedeeld door 1,05 tot de macht n, voor n is 5, 10, 20 en 30 jaar.
Een bank, een verzekeraar of een supermarkt verdient zijn geld nu. Die briefjes liggen dichtbij. Een softwarebedrijf waarvan het grote geld pas rond 2035 moet komen, heeft alleen maar briefjes die ver weg liggen. Daarom viel de Nasdaq woensdag nauwelijks en de Dow ruim een procent: de reactie zat niet in "de beurs" maar in de verdeling eronder.
Wat betekent dit voor jouw portefeuille?
Doe de rekensom eens op een gewone portefeuille van 25.000 euro, waarvan de helft in groei- en technologieaandelen zit en de helft in banken, verzekeraars en consumentenbedrijven. Reken je puur met de percentages hierboven, dan kost een procentpunt rente het groeideel op papier zomaar 15 tot 20 procent, dus 2.000 tot 2.500 euro, en het andere deel een paar honderd euro. Terwijl het indexcijfer die dag misschien een half procent zakt.
Het indexcijfer zegt niets over jouw aandelen. Dat hangt volledig af van wat je bezit.
Dat is ook het antwoord op de vraag die veel beleggers deze week stellen: moet ik verkopen? Een renteverhoging is geen verkoopsignaal. Hij verandert de rekensom, voor elk bedrijf anders. Wie deze week het aandeel verkoopt dat het hardst daalde, verkoopt meestal precies het aandeel waarvan de koers zakte zonder dat het bedrijf zelf slechter werd.
En vergeet je spaarrekening niet. Ook de ECB verhoogde dit jaar twee keer, naar een depositorente van 2,50 procent. Dat is wat banken krijgen als ze hun geld bij de ECB stallen. Bij de Nederlandse grootbanken krijg jij op dit moment niet meer dan 1,30 procent, en die rentes zijn sinds het voorjaar van 2025 niet aangepast.
Wat gebeurde er de vorige zeven keer?
Sinds 1988 begon de Fed zeven keer aan een reeks verhogingen. Het patroon was elke keer opvallend hetzelfde. In de zes weken na de eerste verhoging zakte de S&P 500 gemiddeld 4,0 procent. Dat verlies was gemiddeld binnen de volgende vijf tot zes weken weer ingelopen. Na een halfjaar stond de index gemiddeld 4 procent hoger, na een jaar 9 procent.
Na de eerste verhoging zakt de beurs eerst, en staat hij een jaar later hoger
S&P 500 in de 52 weken na de eerste renteverhoging van een cyclus, ten opzichte van de dag van de verhoging
- Gemiddelde van zeven cycli sinds 1988
- 2022, de uitzondering
| Week | Gemiddelde | 2022 |
|---|---|---|
| 0 | 0,0% | 0,0% |
| 1 | +4,2% | |
| 2 | +4,3% | |
| 3 | +3,0% | |
| 4 | +0,8% | |
| 5 | −2,0% | |
| 6 | −4,0% | −5,2% |
| 7 | −5,4% | |
| 8 | −7,7% | |
| 9 | −10,5% | |
| 10 | −4,6% | |
| 11 | −5,7% | |
| 12 | 0,0% | −10,5% |
| 13 | −15,7% | |
| 14 | −10,2% | |
| 15 | −12,2% | |
| 16 | −10,5% | |
| 17 | −11,4% | |
| 18 | −9,1% | |
| 19 | −5,2% | |
| 20 | −4,9% | |
| 21 | −1,8% | |
| 22 | −3,0% | |
| 23 | −6,9% | |
| 24 | −9,9% | |
| 25 | −6,7% | |
| 26 | +4,0% | −11,1% |
| 27 | −15,3% | |
| 28 | −17,7% | |
| 29 | −16,5% | |
| 30 | −17,8% | |
| 31 | −13,9% | |
| 32 | −10,5% | |
| 33 | −13,5% | |
| 34 | −8,4% | |
| 35 | −9,0% | |
| 36 | −7,6% | |
| 37 | −6,6% | |
| 38 | −9,7% | |
| 39 | −11,6% | |
| 40 | −11,8% | |
| 41 | −11,9% | |
| 42 | −10,6% | |
| 43 | −8,2% | |
| 44 | −8,8% | |
| 45 | −6,6% | |
| 46 | −5,1% | |
| 47 | −6,1% | |
| 48 | −6,4% | |
| 49 | −8,9% | |
| 50 | −7,2% | |
| 51 | −11,4% | |
| 52 | +9,0% | −9,1% |
Gemiddelde van de cycli die begonnen in 1988, 1994, 1997, 1999, 2004, 2015 en 2022. Tussen de meetpunten is de lijn rechtgetrokken. 2022: slotkoersen S&P 500 via FRED, ten opzichte van 16 maart 2022. De laagste slotkoers van die cyclus viel op 12 oktober 2022, 17,9 procent onder de dag van de verhoging.
Positief in elke cyclus, op één na: 2022. Toen bleek de inflatie niet tijdelijk, bleef de Fed doorverhogen en stond de index een jaar na de eerste stap nog altijd lager.
Zes van de zeven keer was verkopen fout. Eén keer was het precies goed. Vooraf wist niemand welke van de twee het werd.
Het echte risico van een verhogingscyclus zit niet in de eerste stap, maar verderop. Deutsche Bank bekeek dertien verhogingscycli sinds de jaren vijftig: slechts één daarvan leidde binnen achttien maanden tot een recessie, maar zes andere sloegen om tussen de negentiende en de achtentwintigste maand. Als de geschiedenis een gids is, ligt het spannende deel dus niet deze herfst, maar ergens in 2028.
De les
Een renteverhoging voelt als nieuws waar je op moet reageren. Dat is hij niet. Hij is een verandering in de rekensom achter elk aandeel dat je bezit, en die verandering is voor elk bedrijf anders. Voor een bank bijna niets, voor een groeiaandeel een vijfde van de waarde.
Niemand rekent op een woensdagavond zijn hele portefeuille opnieuw door. Maar dat is wel precies wat er moet gebeuren, en het is precies waarom een systeem het van een mening wint. Ons model heeft geen mening over Kevin Warsh. Het leest elke dag opnieuw de cijfers van duizenden bedrijven in, weegt de fundamentele kant en de technische kant tegen elkaar af, en kijkt bij elke positie opnieuw of het beeld nog klopt. Verandert dat beeld, dan volgt er een signaal. Niet omdat er nieuws was, maar omdat de uitkomst veranderde.
Cijfers in, ruis eruit.
Veelgestelde vragen
Moet ik mijn groeiaandelen nu verkopen?
Niet omdat de rente omhoog ging. Een hogere rente maakt toekomstige winst minder waard, en dat raakt groeiaandelen het hardst, maar het zegt niets over of het bedrijf zelf slechter is geworden. Kijk naar de cijfers van het bedrijf, niet naar de koersreactie. Zes van de zeven keer was verkopen na een eerste verhoging achteraf de verkeerde keuze.
Hoe lang duurt zo'n verhogingscyclus?
De Fed zelf verwacht dat de rente eind 2027 nog steeds rond 4,1 procent staat, dus ruim een jaar hoog. De vorige cyclus duurde zestien maanden van eerste naar laatste verhoging, met daarna ruim een jaar plateau. Deze cyclus begint hoger en kan daardoor korter zijn, maar dat is een verwachting en geen zekerheid.
Waarom stijgt mijn spaarrente niet mee?
Omdat de bank dat niet hoeft. De ECB betaalt banken 2,50 procent op het geld dat zij daar stallen, maar de grootbanken geven jou 1,30 procent en hebben dat sinds het voorjaar van 2025 niet aangepast. Het verschil is marge voor de bank. Bij Europese spaarbanken ligt de hoogste vrij opneembare rente rond 2,35 procent.
